De zwever was snel hersteld en is weer gesignaleerd in het parkje. Hij zit zoals gewoonlijk op hetzelfde bankje. Precies een week nadat hij met de ambulance naar het ziekenhuis werd vervoerd, zag ik hem ook zitten toen ik via het parkje naar het fietsenhok liep. Ik heb even geaarzeld of ik het besluit om hem de toegang tot de bibliotheek te ontzeggen aan hem mede te delen. Hij was alleen, keek naar de grond en deed of hij me niet zag. Ik stapte op hem af en begon een gesprek: hoe gaat het met u en hebt u lang in het ziekenhuis gezeten. Hij zei ik wil voorlopig niet meer naar de bibliotheek komen, ik schaam me. Ik zei tegen hem ik ben blij dat je dat zegt omdat wij besloten hebben dat je niet meer bij ons welkom bent. Hij deed of hij dat accepteert en ging verder praten over het ziekenhuis waar hij naar twee uur weg moest en over zijn verblijf bij het Leger des Heils waar hij niet eerder dan 19 uur mag komen en de volgende dag om 7:30 moet vertrekken. Hij heeft daar veel last van de junks, hij drukte met beide handen op zijn hoofd en zei: ik pas niet tussen die mensen. Ik ben een matig drinker en heb nooit drugs gebruikt. Ik zoek een kamer met een eigen sleutel en eigen bed, er zijn veel huizen in Bloemendaal, maar voor me is er niets. Wat me opviel bij hem is dat hij de letter G niet kan uitspreken. Hij zei zo iets als kemaakt, kebeuren i.p.v. gemaakt en gebeuren. Hij heeft wel een aow en is bereid om een kamer te betalen. Wat me ook opviel is dat hij goed kan observeren en waardeert het goede van de mens. In een van de reacties beschreef een collega het verdere verloop van het vervoeren van de patient naar de ambulancewagen als volgt:” … ik ging net naar mijn fiets en kwam erlangs toen ze hem aan het inladen waren. Hij lag op de brancard en zei steeds tegen de ambulance-broeders (zo heten die toch?) “Sorry , sorry hoor”, “neem me niet kwalijk” en al verontschuldigend werd hij naar binnen geschoven.“
Zoals ik, heeft hij bewondering voor het werk van het ambulancepersoneel. Ik heb ze nooit van dichtbij aan het werk gezien. Ik ben echt onder de indruk hoe ze met de patient zijn omgegaan. Voor me was dat een mooi voorbeeld van beroepsethiek.